Dieëten

 

Hypoglycemie - hyperglycemiedieet
Doel van het hypoglycemie – hyperglycemie dieet is om schommelingen in de bloedsuikerspiegel zoveel mogelijk te voorkomen. Door dit te doen beperk je meteen de afgifte van insuline, je ontziet je alvleesklier en verminderd de gevolgen van een eventuele insulineresistentie. De enige manier om dit te bereiken is door de inname van suiker en geconcentreerde koolhydraatbronnen te beperken cq te vermijden.
 
Koolhydraten bevatten van nature glucose. Suiker is het meest geraffineerde koolhydraat en bevat erg veel glucosemoleculen. Suiker doet de glucosespiegel het snelst stijgen en bevat geen vitaminen of mineralen. Suiker valt onder de groep lege koolhydraten. Lege koolhydraten bevatten snel opneembare glucosemoleculen en bevatten geen vitaminen en mineralen. Voor de vertering ervan heeft het lichaam wél vitaminen en mineralen nodig, reden waarom lege koolhydraten gezien worden als vitaminen en mineralen 'rovers'.
 
Lege koolhydraten zitten in alle geraffineerde spullen (witmeel, kant en klaar, snacks, pakjes soep, pizza’s etc) en in geraffineerde suiker en suikerhoudende producten (snoep, frisdrank vruchtennectar, appelmoes, yoki drink, vruchten yoghurt, jam etc). Druivensuiker en vruchtensuiker is (als het niet meer in het fruit zit) geraffineerd.
 
Zoetjes geven foute informatie af: het proeft zoet, de alvleesklier gaat aan het werk en maakt insuline, er is echter geen echte glucose, de bloedsuikerspiegel knalt naar beneden.
 
Nu is niet alleen de snelheid van opname (Glycemische Index) maar ook de totale hoeveelheid glucose bepalend. Iets wat wel snel opneembaar is maar waar maar weinig glucose in zit belast natuurlijk minder dan iets wat minder snel opneemt maar waar veel glucose in zit. Uiteindelijk zal iets wat én snel opneembaar is én waar ook nog veel inzit de zaak het meest belasten. Deze waarden zijn uitgezet in de Glycemische Lading.
 
Geconcentreerde koolhydraatbronnen zoals tarwe en andere graanproducten doen de bloedsuikerspiegel minder snel stijgen dan geraffineerde koolhydraten. Ze hebben een lage Gi maar bevatten per 100 gram wel véél koolhydraten. Hierdoor stimuleren ze gedurende langere tijd de insulineafgifte. Ook al weer geen gewenste situatie.

Vermijd

    • Suiker en producten waarin suiker verborgen zit: jam, yoki drink, frisdrank, appelmoes, augurken, ketchup, vruchtennectar enzovoort
    • Suikervervangers: honing, druivensuiker, vruchtensuiker, glucose, sorbitol
    • Geraffineerde koolhydraten: witte bloem, witte rijst, witte macaroni en alle kant en klaarproducten (koekjes, gebak, diepvries- en koelkastmaaltijden, pizza's enzovoort)
    • Alle light-producten (daarin zijn de vetten vervangen door koolhydraten - foute boel)
    • Margarine, halvarine of vloeibare bak- en braad spullen (bevatten transvetten - ook foute boel)

Beperk

  • Granen, volkorenbrood, zilvervliesrijst, gierst, grutten, havervlokken, volkoren macaroni, muesli, enzovoort
  • Melkproducten: yoghurt, melk, kwark, kaas
  • Alcohol, nicotine (roken)

Gebruik

    • Zoveel mogelijk groente en fruit
    • Fruit in z'n geheel (geen sinaasappels uitpersen)
    • Noten en zaden: walnoten, zonnebloempitten, sesamzaad enzovoort
    • Vis, vlees, peulvruchten, soja
    • Veel olijfolie en omega 3 olie
    • Roomboter

En wat verder van belang is

Voor het aanmaken van insuline heeft het lichaam veel vitaminen en mineralen nodig. Heb je hier tekorten, dan kan het lichaam sowieso geen insuline maken. Je insuline receptoren hebben zink nodig - zonder zink reageren ze niet op insuline.

Anne Marie Reuzenaar heeft ook een erg handig boekje uitgebracht over lekker eten ondanks dat je ME, candida of hypoglycemie hebt. In het boekje staan erg leuke en lekkere recepten. Het Heden Ik Kookboek, ISBN: 90-215-2346-9.