Neem een lage brede bakvorm en leg hier bakpapier in. Giet ongeveer
2/3 van het bananen-deeg op het papier en verdeel dit netjes. Neem dan
de appelschijfjes, roer er de rest van de rozijnen door en strooi er
wat kaneel over. Leg de appelschijfjes op de bodem en druk deze wat
aan. Verdeel de rest van het bananen-deeg over de appels en strooi er
wat gehakte walnoten, pijnboompitten of amandelschaafsel over.
Schuif de taart in een oven van ongeveer 190 graden en laat het
deeg gaar worden. Dit duurt ongeveer 20 tot 30 minuten want technisch
gezien hoeven alleen de eieren uit te harden. Eventueel kan het vocht
wat uit de appels komt (afhankelijk van het ras - de ene appel
verliest veel vocht, de andere weinig) uit het bakblik gegoten worden
door deze wat schuin te houden met een hoek naar beneden.
Bewaar deze taart in de koelkast - omdat er geen suiker in zit is
ze op kamertemperatuur gevoeliger voor bederf dan andere ‘met-suiker’
taarten.