slijmstoffen, etherische olie, looistof, glycosiden,
calcium, kalium, kiezelzuur, vit. A, B,
C
De naam kaasjeskruid komt vanwege de gelijkenis van de zaaddoosjes met
kleine edammer kaasjes. Malva is afgeleid van malkos en malassum wat week
en opweken betekend. Het is een plant die al heel lang bekent staat om
zijn geneeskrachtige werking. De volgelingen van Pythagoras beschouwden de
plant als heilig, Karel de Grote liet de plant in zijn keizerlijke tuinen
planten en in Italië werd ze omnimorbia, middel voor alle kwalen genoemd.
Het kaasjeskruid is een plant die zeer uitbundig en de hele zomer door
bloeit, ze geeft voortdurend nieuwe paars roze bloemen die bij het drogen
blauw worden. Blauw staat voor lucht en als we dan ook nog zien dat de
plant helemaal behaard is kunnen we ons voorstellen dat ze vooral goed
werkt op de luchtwegen en de slijmvliezen. Slijmstoffen zijn de
belangrijkste inhoudstoffen. Ze werken verzachtend, losmakend en
ontkrampend. Ze maken los wat hard is en laten weer stromen wat vast zit.
De belangrijkste toepassing is dus bij allerlei ontstekingen. Voor de huid
kunnen we ook uitwendig de olie gebruiken die gemaakt wordt van de
bloemetjes. Het kaasjeskruid is in zijn geheel te gebruiken maar het
meeste gebruiken we nog de bloemetjes en de blaadjes.
|
Luchtwegen;
bij ontstekingen van de luchtwegen.
Spijsvertering;
bij ontstekingen van maag en darm slijmvlies.
Huid;
bij ontstekingen van de huid, eczemen, psoriasis.
Vrouwenkwalen;
bij bevallingen als de weeën niet doorzetten.
|

|