De wortel die wij kennen is het
resultaat van het langdurig kweken van de wilde wortel. De wilde wortel groeit op
weiden en langs randen van akkers. Bij het zien van de wilde wortel is nauwelijks te geloven dat onze stevige en sappige
wortel daarvan afstamt. De wilde wortel is wit, droog en houtachtig. Als hij volgroeid is kan de tweejarige wilde
wortel bijna een struik van een meter hoog worden.
De houtige stelen worden zacht omgeven door geveerde blaadjes. Gedurende
de zomer en in het najaar zitten er vlakke, witte
schermbloemen aan die bijna zo groot zijn als een handpalm. Deze bijzonderheid is bij de gewone wortel in de loop van het
kweekproces verloren gegaan.
Daarvoor in de plaats is de wortel oranje-rood en sappig geworden.
Als groente werd hij al verbouwd door
Germaanse volkeren en ook in Zwitserse paalwoningen zijn
wortelzaadjes gevonden. De oude Romeinen en Grieken noemden de wortel al
als geneeskrachtige plant: ze kenden de vochtafdrijvend werking, maar
voor consumptie vonden ze de nog niet zo ver doorgekweekte vorm
waarschijnlijk nog te houtig. Vervolgens beval Karel de Grote het
verbouwen van wortelen en vanaf de middeleeuwen werd de wortel inderdaad
op grotere schaal gecultiveerd.
Pas in de 17e eeuw is het de Nederlanders gelukt de
ons bekende oranje wortel te kweken die zijn kleur te danken heeft
aan het hoge gehalte caroteen (pro-vitamine A). Wie veel wortels eet kan
beter zien en krijgt een gebruinde teint. Beide effecten zijn het gevolg
van pro-vitamine A. De wortel bevat verder vitamine
B1, B2 en
C, flavonoïden
en etherische
olie.
In de geneeskunde wordt de wortel, vers
geraspt of als sap, vooral gebruikt bij voedingsstoornissen bij
zuigelingen, bij een tekort aan vitamine A en tegen maden. Soms wordt de
wortel ook wel gebruikt als diureticum (vochtafdrijvend middel).
Regelmatig wortel eten is, met name voor
ouderen, nog niet zo'n slecht idee. Ze werkt vaatverwijdend en
heeft een gunstige invloed op de werking van het hart. Bovendien
verhoogt ze de aanmaak van rode bloedlichaampjes.
Belangrijke mineralen en
sporenelementen in de wortel zoals calcium, foliumzuur en selenium
ondersteunen de afweerkrachten en geven haar en nagels een gezonde
glans.
Je kunt tot een halve liter wortelsap
drinken per dag, het liefst 's ochtends op de nuchtere maag of 's avonds
na het eten.
Uitwendig wordt wortel toegepast in
crèmes en lotions. Dit vanwege het feit dat ze weefselverjongend
werkt. Het sap, opgebracht via een compres werkt dan ook uitstekend bij
huidontstekingen (dermatosis).
Af en toe een wortel masker is een
weldaad voor de huid: rasp 2 wortels en druk het vocht eruit. Meng het
vocht met een halve eidooier en 2 druppels olie. Smeer hier de huid mee
in en laat het 15 minuten intrekken.
Het loof van de wortel wordt meestal
weggedaan. Het is echter een stimulerende groente die goede resultaten
geeft bij verstoppingen. Thee, gezet van het wortelloof is bovendien te
gebruiken bij aften in de mond.